Verschieten

gestolde angst, vloeibaar vlees
windbeslagen zerken afbrokkelend
groen marmer en schaduwen van
wolken jagen over schelpenpad
en borrelt het grondwater op
doet verbleekte schedels en
beenderen drijven tussen
kieren van goedkoop fineer

vannacht was mijn vader
weer eens boos, hij is reeds
tien jaar dood, afgebroken

kom liefste, laten we vannacht
samen nieuwe herinneringen
dromen die dagen blijven hangen
en ons nieuwe vooruitzichten
verbeelden in mistig gloren waar
dauw bevroren aan prikkeldraad
de scherpe punten onschadelijk
gemaakt door ijs

te weten niets te weten, er bestaat
immers geen falen, blijven we
verdwalen in wilde plannen

© Lammert Voos

 

Advertenties

Tagebuch 30-1-2017

Een niet nader te noemen bekende schrijver/ hovenier –rond name dropping hangt altijd zo’n putlucht- grapte vorige week dat als ik in dit tempo doorging, ik binnen de kortste keren ook een Privé-Domein deel in elkaar geflanst zou hebben. Hoe zou die dan moeten heten: De vrolijke avonturen van een Paustovskij-adept in het Siberië van Nederland? Nou ja, in Noord-Groningen valt het nog mee, Oost-Groningen is veel erger.

Ik wist wel dat het erg was met die aardbevingen, maar nu ik er meer in duik wordt me pas de reikwijdte van het probleem duidelijk en het speelt ook weer volop in de media. Ik vrees dat er van de Shell niet veel goeds te verwachten valt. Kijk maar naar Nigeria.

In Man zonder land van Kurt Vonnegut las ik: ‘We doden onze planeet als levensinstandhoudingssysteem met al het gif van onze thermodynamische pretmakerij met atoomenergie en fossiele brandstoffen, en iedereen weet het en vrijwel niemand maakt zich er druk om. Zo gek zijn we nu.’

Ik ben geen milieujihadist, ik rijd in een oude auto en hou niet van bivakmutsen en aanvallen op boeren die net zo goed in dit beklemmende systeem vastzitten. Zie de mens. Maar ik geloof wel dat we van de fossiele brandstoffen af moeten en dus zetten we alles op alles om voor elkaar te krijgen dat we weer zonnepanelen en een zonneboiler krijgen. Doe je het niet voor het milieu, doe het dan voor het geld: vorig jaar kregen we driehonderd euro terug en dit jaar vijfhonderd!

Ik word wel wat angstig van wat er in de VS gebeurt. Ik kan het niet helpen, maar ik zie de parallellen met nazi-Duitsland wel heel duidelijk: een impulsieve gek aan de macht die een bepaalde groep uitsluit en discrimineert. Ik begrijp die haat tegen moslims niet, het zijn alleen de fundamentalisten die zo onverdraagzaam zijn en ik zie het verschil niet met de orthodox gristelijke partijen in Nederland die tegen vrouwenstemrecht, abortus en geboortebeperking zijn, maar vóór de doodstraf. Bovendien is het christendom van oorsprong eveneens een woestijngodsdienst uit het Midden-Oosten, net als het Judaïsme. Drinken uit de zelfde bron leidt kennelijk tot een permanente staat van oorlog.

Nog even wat particulier leed. Vanochtend mocht ik weer bloed prikken en in een potje piesen, dit keer voor de reumatologe. Tussen de middag belde de urologe dat de urine van vorige week geen bloed meer bevatte. De medicijnen van de reumatologe leveren dus nierproblemen op waarvoor ik naar de urologe moet. De dames zien me kennelijk graag. Het zal mijn natuurlijke charme zijn.

© Lammert Voos

 

Tagebuch 28-1-2017

Ondanks de Sabbat zit ik hier toch weer te tikken. Het hyperactieve brein laat zich niet remmen. Dat is alles behalve positief, maar de beste remedie is het maar gewoon te accepteren,  na het schrijven heb ik een aantal uren relatieve rust en kan ik even lekker dutten op de sofa.

Een huis kopen is geen sinecure. Voor we überhaupt maar iets bezichtigd hebben loop je tegen allerlei haken en ogen op, zelfs als je naar de rand van de wereld wil. Waar begint en eindigt bijvoorbeeld de aardbevingsschade? Ik zag dat de hel begint bij Bedum; bij Saaksum en zuidelijk daarvan wil men gaan fracken en toen ik onlangs langs Grijpskerk reed zag ik dat ze daar ook al fanatiek naar gas aan het boren zijn. We moeten dus sowieso ten noorden van het Reitdiep zoeken.

In mijn geboortedorp Eenrum staat best wat te koop, maar daar ligt te veel historie. Naast de voormalige klompenmakerij van mijn grootvader aan het haventje staat een huis te koop. Een plek om te mijden.  De klompenmakerij was na de dood van opa verworden tot een krot met allemaal rattennesten onder de vloer en werd voor het symbolische bedrag van een gulden aan de gemeente verkocht omdat het op de monumentenlijst stond en niet gesloopt mocht worden.

Mijn opa was alcoholist en mishandelde zijn kinderen. Er werd ook beweerd dat er sprake was van misbruik. Toen de familie nog in Zuurdijk woonde moest mijn gehandicapte vader tientallen kilometers lopen om klompen te bezorgen, terwijl zijn vader bezopen in de werkplaats lag. Pa was toen een jaar of tien. Het is een verklaring voor zijn liefdeloze onvermogen. Toen het huisje aan de haven van Eenrum ontruimd werd, lagen achter de werkplaats nog diverse boomstammen: populieren en wilgen. Opa verdronk met zijn dronken kop in een sloot waar nauwelijks water in stond.

De tragikomische geschiedenis van mijn familie is een onuitputtelijke bron van inspiratie en ik gebruik die steeds opnieuw in mijn schrijfsels. Ik ben geen groots stilist en weef allerlei particuliere grapjes en stiekeme verwijzingen door de teksten. Mijn associaties zijn meestal voor een ander niet te volgen en ik word er zelf vaak ook doodmoe van. Ik probeer er maar het beste van te maken en met die grapjes entertain ik mezelf en daar draait het toch om, jezelf wat prettig bezig houden, verder is het bestaan immers volstrekt zinloos.

Ik ben benieuwd wanneer al die gedachtenstromen weer ophouden. Nu eerst maar eens een dutje, de sofa roept.

© Lammert Voos

Tagebuch 27-1-2017

Je begint aan zo’n dagboek om gewoon alle gedachten op papier te donderen, in de praktijk gaat het een heel andere kant op. Op het moment dat je merkt dat je een lezerspubliek hebt neemt de zucht tot behagen en bevestiging het al snel weer helemaal over. Je moet daar mee uitkijken: voor je het weet heb je rijen selfies makende sensatiezoekers voor je deur staan en leef je zelf in een kast.

Hoewel hovenier/ schrijver Gerbrand Bakker me gister een esdoorn aanraadde (gemakkelijke qua omzagen en opstoken)om in mijn boek te gebruiken, wordt het toch een beuk. Het moet juist zwaar en zinloos zijn voor mijn hoofdpersoon Canisius. Er waren meerdere aanwijzingen dat het een beuk moest worden: ik heb aan de beukensingel gewoond, wel eens iemand een beuk verkocht en toen ik Het bomenboek van Koos van Zomeren opensloeg stond daar pontificaal de beuk: ‘hij is in staat om iedere concurrent in te halen en te verdringen – zelfs een eik.’ Bovendien wordt de beuk in het bos dik en glad, dus een ideale boom voor een licht sadistische schrijver.

Maar dit blog zou over de huizenzoektocht gaan. Onze eerste keuzes lijken het niet te gaan worden. Het huis dat uitkeek over het gemaal in het Reitdiep bij Electra (De Waterwolf), wordt dinsdag bezichtigd door een aankopend makelaar en dat is niet de onze. Van onze tweede keuze, een schattig wit huisje in Vierhuizen, kreeg ik van een ander makelaar het rapport van de bouwtechnische keuring opgestuurd en na slechts een oppervlakkige lezing wist ik dat dit huis ook niets zou worden: insectenvraat aan houtwerk, verzakking, dak niet goed en er was sprake van asbest in het dak.

We hadden ook nog een mooie woning gezien in Saaksum. Vroeger, als mijn vader boos op me was noemde hij me Lul van Soaksum. Profetische woorden? Na enig speurwerk op internet zag ik dat er bij de NAM plannen bestaan om op de meest milieuonvriendelijke wijze te gaan boren in die buurten. Kennelijk moet heel Groningen kapot. Er zijn meer alternatieven voor ons op het Hogeland, maar die hou ik nog even voor me.

Mijn leven bestaat voornamelijk uit ongebreideld associëren (ook daar word ik voor behandeld) dus na de start van dit blog ben ik begonnen aan De steppewolf van Herman Hesse. Er zat een boekenlegger in waarop het volgende stond: Huil liever een keer je hart uit je lijf, dan altijd te zuchten. Maar wat nou als ik zuchten gewoon lekker vind? De hoofdpersoon van De steppewolf lijdt aan jicht, hoofdpijnen en het leven. Dat komt me bekend voor. Geen entertainment voor mij, dit boek, en persoonlijke groei hoef ik ook niet meer. Honderdvijfentwintig kilo vind ik meer dan genoeg.

Morgen is het Sabbat en zondag de dag van de Heer, dan hoef ik even niets van mijn strenge meester. Dat ben ik overigens zelf.

© Lammert Voos

 

 

Tagebuch 26-1-2017

Momenteel kom ik niet erg aan werken aan mijn roman Canisius toe. Het hoofd schiet alle kanten op, behalve naar die tekst. Toch is het me gelukt wat onderzoek te doen naar bomen. De hoofdpersoon moet een dikke boom omzagen en ik moet weten welk soort boom het meest aannemelijk is. Nu weet ik redelijk hoe de samenstelling van een bos eruit ziet, maar het verhaal speelt zich af in de jaren dertig van de vorige eeuw. Ik ben nu diverse bomenboeken aan het raadplegen, waaronder dat van Koos van Zomeren. Bijna had ik een fijnspar genomen, maar die blijken hier pas sinds zestig jaar voor te komen. Ik denk dat het een beuk wordt. Een beuk is een veilige boom.

Ooit zag ik een mevrouw op de televisie die beweerde dat bomen energie uitstralen en ze deed voor hoe dat te voelen. Je moest je handen op een centimeter van de stam houden. Omdat ik beroepsscepticus ben heb dat ook geprobeerd. En verdomd, ik voelde het ook! De boom, een populier,zoemde en broeide. Sinds ik dat gevoeld heb slik ik pillen.

S wil graag wat planten uit onze eigen tuin meenemen naar het nieuwe huis, zoals de pioenrozen en het pruimenboompje dat op het graf van Doggema staat. Daar zit hij nu een beetje in. Ik mis dat onbehouwen mormel nog steeds. Op Dögsen staan hostas, maar die laten we mooi staan. Ik wens geen slakken mee te verhuizen. Dat duurt me ook te lang. Ikzelf neem een zelf gestekte en opgekweekte vlinderstruik mee en ook mijn astilbes gaan mee, of in ieder geval een deel er van, het is een gemakkelijk uitlopende plant. Eventueel volgende bewoners zullen nog verrast zijn over alle bollen die op gaan bloeien, vooral in de voortuin, waar alle tulpen staan die we bij ons trouwen gekregen hebben. Verder moet natuurlijk de brandende liefde mee en ook de gelijknamige plant.

Een mens creëert zijn eigen ongeluk en omdat te bevestigen keek ik alvast naar de checklist van de verhuurder hoe we de woning bij opzegging moeten achterlaten. De tuin dienen we van allerlei tierelantijnen te ontdoen onder bedreiging van de meest vreselijke straffen (crucifixion?). Het gras dient netjes gemaaid. (Welk gras?) Ik werd woest, toen we hier kwamen was de woning uitgewoond en de tuin een veredelde vuilnisbelt. Menig zweetdruppel heb ik gespendeerd aan die tuin en het schilderen van het huis.

Maar de ergernis is voorbarig, evenals het bedenken van wat we mee gaan nemen, we hebben namelijk nog helemaal geen ander huis. Pas volgende week gaan we er twee bezichtigen. Gelukkig heb ik nog wat slaappillen.

© Lammert Voos

Tagebuch 25-1-2017

Ik ga niet beginnen over leven in interessante tijden, maar het is wel zo, zoals de meeste clichés een waarheid als een koe zijn en dit opmerkende constateer ik dat ik een cliché binnen een cliché gebruik. (Ik word vaak heel moe van mezelf.) Omdat er in ons leven momenteel heel veel gebeurt en ik dus weer niet slaap en prompt een jichtaanval krijg lijkt het me handig een dagboek bij te gaan houden om mijn gedachten wat op een rijtje te krijgen. Vreest echter niet, over politiek en onrecht in de wereld zal het niet gaan. In ieder geval niet vaak.

Wij, dwz mijn teerbeminde echtgenote S en ik, waren al een tijdje op zoek naar een andere huurwoning met meer vrijheid en rust. Het dorp aan de IJssel waar we nu wonen wordt opgestuwd in de vaart der volkeren en dat maakt het wonen hier er niet plezieriger op. Overal om ons heen wordt gebouwd en geklust en dat brengt nogal wat lawaai met zich mee. En daar kan ik niet zo goed tegen. Je kunt de mensen niet verwijten dat ze lekker bezig zijn en prettig willen wonen, maar ik ben niet altijd even aardig en doe dat lekker toch. Daarbij is ongebreideld wandelen in de uiterwaarden er niet meer bij: het project Ruimte voor de Rivier bracht ondoorwaadbare geulen en extra prikkeldraad.

Kers op de taart is de vergunning die de gemeente Olst/Wijhe uitgaf voor de uitbreiding van de plaatselijke kippenboer tot meer dan een miljoen kippen op een paar honderd meter van het dorp. Ik heb de milieueffectrapportages daarover gezien en word er niet blij van. De uitstoot van fijn stof wordt verdubbeld en trekt bij noordwester wind precies over het dorp. Het is hier nu soms al niet te harden door de geur van kippenstront en de enorme hoeveelheid vliegen. Al deze factoren bij elkaar opgeteld maken dat ik het hier Spaans benauwd krijg. Gelukkig heeft S precies hetzelfde.

We waren dus op de particuliere huurmarkt aan het kijken, maar dat zag er niet erg hoopvol uit tot er vorige week iets vreemds gebeurde. Een min of meer bekende Nederlander waar ik bevriend mee ben op FaceBook wilde misschien een woning kopen in noordwest Groningen als belegging en dat huis dan aan ons verhuren. Dat gaf zowel lucht als spanning. Ik ben geboren in noordwest Groningen. Ik hou van de Wadden, het Reitdiep en het Lauwersmeer. Elke keer als ik daar kom ervaar ik een gevoel van thuiskomen. Niet voor niets schrijf ik wel eens gedichten in het Hogelands Gronings dialect.

Maar ik heb geen geduld, kan zaken moeilijk los laten (daar word ik voor behandeld) en bleef maar aan het repeteren en herhalen in mijn hoofd. Ik begon alvast maar met rotzooi op te ruimen die de vorige verhuizing acht jaar geleden nog ternauwernood had overleefd, zoals een kleine duizend cd’s die ergens in een hoekje op zolder lagen. De container was gulzig.

Dit weekend spraken we mijn zwager en schoonzus en vertelden enthousiast over de hoopvolle vooruitzichten, waarop mijn zwager vroeg waarom we zelf niet kochten. Nou, WAO, dus we kregen geen hypotheek en nog wat hobbels. Nu weet mijn zwager vrij veel over huizen en kopen: hij bezit zelf een (zorg)boerderij en hij heeft veel te maken met vastgoedrecht, pacht en dergelijke, voor mij volstrekt duistere materie. Wij konden vast wel een hypotheek krijgen en de rest van de hobbels wilde hij ons wel mee helpen.

Gister hebben we ons laten adviseren over een hypotheek. Nu was onze leeftijd juist een voordeel, omdat er geen herkeuringen en dergelijke ongein meer zullen komen hebben we juist een heel stabiel inkomen en een hypotheek was geen enkel probleem.

Het Hogeland is leegloopgebied en je kunt daar betaalbare huizen vinden die voldoen aan al onze wensen. We kunnen het zelfs zo maken dat we zonnepanelen en een zonneboiler kunnen regelen als we het handig aanpakken. We gaan binnenkort huizen bezichtigen, maar ik dien nog wat geduld te hebben. Misschien kan ik vandaag nog iets weggooien. Helaas kan ik door de jicht (stress gerelateerd) even geen schoenen aan, maar daar lach ik om. Doe ik het toch gewoon op blote voeten…

(Wordt vervolgd)

© Lammert Voos

Straatpoëzie voor het eerst in kaart gebracht

Universiteit Utrecht lanceert interactieve website met inventarisatie van gedichten in de openbare ruimte.

Er zijn ontzettend veel gedichten te lezen in de openbare ruimte van Nederland en Vlaanderen, maar niemand weet precies hoeveel, waar en van wie. De nieuwe website ‘Straatpoëzie’ heeft als doel om een inventarisatie te maken van alle poëzie in de openbare ruimte van Nederland en Vlaanderen. De website archiveert hiermee literair erfgoed. ‘Straatpoëzie’ wordt in de Poëzieweek gelanceerd.

 

Interactieve kaart

Op http://straatpoezie.nl/ staat een interactieve kaart waarop de locaties van de gedichten in de openbare ruimte staan aangegeven. Iedereen kan hierop gedichten zoeken. Bijvoorbeeld als je benieuwd bent waar in jouw buurt gedichten te vinden zijn. Of als je wilt weten op welke locaties er gedichten te lezen zijn van jouw lievelingsdichter.

De website presenteert van ieder gedicht de locatie en indien mogelijk de tekst van het gedicht, de naam van de dichter, een foto, de datum waarop het gedicht is aangebracht, eventueel de datum van verwijdering, de relatie tussen het gedicht en de locatie, die initiatiefnemer, de vormgever, het boek waarin het gedicht eventueel is opgenomen, wetenswaardigheden en een link naar meer informatie.

 

Poëzie buiten het boek

De website ‘Straatpoëzie’ is onderdeel van het PhD-onderzoek van Kila van der Starre (http://kilavanderstarre.com/). Zij doet aan de Universiteit Utrecht onderzoek naar ‘poëzie buiten het boek’. Poëziebundels verkopen slecht, maar toch zijn gedichten onderdeel van het alledaags leven. Mensen komen bijvoorbeeld met poëzie in aanraking op tv, op de radio, op social media, op gedichtenwebsites, in kranten en tijdschriften, op festivals, tijdens speciale gelegenheden en in de openbare ruimte. Van der Starre gebruikt de gegevens in de database van ‘Straatpoëzie’ om onderzoek te doen naar het fenomeen ‘poëzie in de openbare ruimte’.

 

Voeg ook een gedicht toe

Op dit moment bevat de database van ‘Straatpoëzie’ bijna 500 gedichten. Vermoed wordt dat er nog honderden meer zijn. Met behulp vancrowdsourcing wil Kila van der Starre alle straatpoëzie in Nederland en Vlaanderen in kaart brengen.  Iedereen die een gedicht in de openbare ruimte kent kan dat gedicht toevoegen via een formulier (http://straatpoezie.nl/gedicht-toevoegen/).

De website ‘Straatpoëzie’ wordt gerealiseerd met behulp van de afdeling ICT & Media van de Universiteit Utrecht en met steun van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

 

Glas

bij een waterval
kuste ik jou, scheerde
een ijsvogel over
het spiegelende water

maar zo droom ik nooit

en jij, als van glas,
ik wil je breken,
de scherven één
voor één likken

mijn tong bloedt
wellustige woorden

© Lammert Voos

Opening

onze dromen zijn te groot geworden

en tegen de muren en  plafonds kaatsten

echo’s die weergalmen  tegen glas en steen,

 

andere dimensies

 

dringen zij oog en oor binnen, zoeken naar

zintuigen die nog niet bestaan

die ik nog dien te bedenken

 

en zij verleiden met verzonnen

begeerte en ik open mij, zoals zij

zich voor mij openen, want dit zou zomaar

 

een nieuw begin kunnen zijn

 

© Lammert Voos